Dominee Paul Visser: ‘Je bent nooit overgeleverd aan de journalist’

Hoe kan je als predikant het beste met ‘de media’ omgaan? Paul Visser, predikant van de Noorderkerk in Amsterdam, verschijnt regelmatig in kranten, bladen en televisieprogramma’s. Vorig jaar mocht hij zelfs een half jaar lang een gebed uitspreken op radiozender Qmusic. Wat kan hij andere predikanten meegeven? Kerk & Communicatie sprak met hem.

Les 1: Begin klein
“Ik denk dat het heel goed is als collega predikanten vanuit hun eigen mogelijkheden bedenken hoe ze de media kunnen inzetten. Dat begint natuurlijk niet met een krant of iets op te bellen.

Doe wat mogelijk is. Waarschijnlijk heb je een website of misschien is het mogelijk om een filmpje op te nemen en op die manier je boodschap breder te delen in de plaats waar je woont.  Je moet het wel doen op een manier die echt bij jou past.”

Vanuit de Protestantse Gemeente Amsterdam is Visser een mediamasterclass aangeboden. “Daar werd heel duidelijk uitgelegd hoe je een blog moest schrijven. Tot mijn eigen stomme verbazing gebeurde het ineens dat mijn blog aandacht kreeg van andere media. Het aardige was dat ik ook gevraagd werd voor een magazine om blogs te schrijven, dus van het één komt dan het ander.”

Les 2: Richt je op één doelgroep
Visser wil predikanten adviseren zich te beperken tot één soort publiek als ze een blog schrijven of een filmpje opnemen. “Ik probeer me heel bewust te richten op één doelgroep. Mijn ervaring is dat je een veel breder bereik hebt als je heel goed weet wie je doelgroep is.”

Les 3: Maak een punt
“Je moet je er wel van bewust zijn dat je je begeeft op publiek terrein en dat datgene wat je zegt dus breed wordt gelezen. Dan komt het des te meer aan op zorgvuldigheid. Wel is het mooi, anders ben je ook niet interessant voor de media, om af en toe triggeren. Dus de steen in de vijver te gooien, gewoon een punt te maken dat ertoe doet. Daarna komt vanzelf de nodige nuancering die erbij hoort.”

Les 4: Houd de regie in eigen handen
“Als je wordt benaderd door journalisten is het ontzettend belangrijk om je te beseffen dat je nooit bent overgeleverd aan de journalist. Dat hebben ze ons toen bij die mediatraining echt op het hart gedrukt. Die journalist is afhankelijk van jou en jij mag gewoon de regie in handen houden.

Voel daarin je eigen vrijheid, vanuit de verbondenheid aan God, om dichtbij jezelf te blijven. Je hebt de ruimte om te zeggen: dat doe ik wel en dat niet. Ik geef zelf altijd aan dat ze een interview mogen afnemen, maar dat ik het van tevoren wel eerst wil zien en dat ik alleen datgene in de krant of in een blad wil hebben waar ikzelf ook achtersta.

Dat betekent soms ook dat je kunt zeggen dat je iets niet doet. Ik werd onlangs gevraagd voor een televisieprogramma om mijn hele hebben en houden op tafel te leggen. Dat is niet iets waartoe ik mij geroepen voel.”

Les 5:  Maak gebruik van mensen om je heen
“In elke gemeente zijn wel een paar mensen die echt verstand hebben van social media, een filmpje kunnen maken of jou kunnen helpen een goede blog te schrijven. Ik zou zeggen: maak vrijmoedig gebruik van de aanwezige talenten die er zijn.

Dat heb ik laatst nog gedaan. Ik heb toen met een aantal mensen om tafel gezeten en we vroegen ons af: hoe kunnen we media nou zo goed mogelijk inzetten, zodat het dienstbaar is voor de uitbreiding van het Koninkrijk van God? Zo zijn we aan het zoeken hoe we social media, vooral YouTube, nog op een andere manier kunnen inzetten. Bijvoorbeeld hoe je tafelgesprekken kunt opnemen en dat breder kunt verspreiden.”

Les 6: Ga er vanuit geloof mee om
“Vorig jaar heb ik een half jaar lang iedere maandagmorgen een gebed uitgesproken op radiozender Qmusic. Dat is een volkomen seculiere zender. Je zou denken: dat is onmogelijk. Dat dacht ik ook. Maar toch werd ik op een gegeven moment gebeld door één van de programmamakers, Wietze de Jager. Dat was voorafgaand aan de week van het gebed.

Wietze is bij mij gemeentelid en dacht: waarom zouden we ook geen aandacht besteden aan de week van gebed? Het heeft ertoe geleid dat ze zo enthousiast over waren dat ze dachten: waarom niet elke maandagmorgen? Dat is natuurlijk een hele aparte ervaring. Daarbij wil ik wel zeggen dat ik het echt als geschenk van Hogerhand zie. Ik kan dit zelf niet organiseren. Voor mezelf wil ik daar vanuit het geloof en het gebed mee omgaan.

Nog voor de dag dat ik werd gebeld door Wietze, werd ik ook gebeld door iemand die zei: ‘Ik heb heel bewust gebeden voor jou en voor een geopende deur.’ En dan komt er binnen 24 uur ineens zo’n verzoek voorbij dat als gevolg heeft dat je een half jaar lang een gebed kunt uitspreken op een radiozender. Ik zie daarin iets van het Woord van Jezus: ‘Wat bij de mensen onmogelijk is, is mogelijk bij God.”

Door Lisa Petersen